KWEEKSCHOOL DER BROEDERS VAN DE ONBEVLEKTE ONTVANGENIS

Opleiding tot onderwijzer

Het geven van onderwijs was ook in de 19e eeuw aan regels gebonden. De Staat hield toezicht op de scholen. Onderwijzers dienden een door de Staat erkende bevoegdheid te bezitten om les te mogen geven aan kinderen in de leeftijd van 6-12 jaar. De eerste broeders gingen daarom noodgedwongen naar de bisschoppelijke kweekschool voor onderwijzers in Rolduc.

Het uitzenden van de broeders voor de onderwijzersstudie naar elders was omslachtig en niet goedkoop. In 1853 besloot het bestuur de opleiding voor onderwijzer in eigen hand te nemen. De kwekeling gaf overdag les en volgde ’s avonds zelf les voor het behalen van het diploma. Helemaal bevredigend was dit systeem niet en het werd nog moeilijker toen het aantal kwekelingen begon te groeien. In 1894 stichtte de congregatie daarom een eigen kweekschool voor de uitsluitende opleiding van broeder-onderwijzer in de Capucijnengang in Maastricht. Alleen jongens die broeder wilden worden werden toegelaten.   

prachtige perspectivische tekening van imposant gebouw
In 1909 kreeg deze kweekschool een moderne huisvesting buiten de stad aan de Tongerseweg, gemeente Oud-Vroenhoven.



Hoofdingang, 1910 - Vincentius en Aloysius moeten nog komen ...
    De architect was Lambertus Faber, die ook het moederhuis De Beyart ontworpen had. Op de voorgevel prijkte in grote kapitalen KWEEKSCHOOL DER BROEDRS VAN DE ONBEVLE ONTVs (met afkortingen die voor die tijd vermoedelijk geen raadsel waren), met daaronder de beelden van Sint Vincentius à Paulo, patroonheilige van de congregatie naar wie de kweekschool vernoemd werd, en van Sint Aloysius.

De kapel nam in het complex een centrale plaats in, met op de wanden en gewelven prachtige art deco schilderingen van de Groningse schilder Franciscus Hermanus Bach.
De communiteit van de broeders huisde in een van de zijvleugels; klassen, werkplaatsen en studieruimten vulden de rest van het gebouw.

Op de zolderverdieping waren de slaapzalen met chambrettes aangebracht waar de juvenisten sliepen. Met de voorklassen voor de jongste leerlingen (12-14 jaar) was de kweekschool immers tegelijkertijd juvenaat, de ‘kloosterschool’ voor toekomstige broeders.   

slaapzaal, 1920

Na 1920 namen de aanmeldingen fors toe. Het aantal roepingen steeg zo snel dat de kweekschool te klein werd. De congregatie zag zich genoodzaakt een apart juvenaat op te richten voor aspiranten van 12-14 jaar. Dat vond plaats in 1927 in Zevenaar. De leerlingen volgden daar ULO-onderwijs als grondslag voor hun daarop volgende opleiding tot onderwijzer in Maastricht.

Opleiding tot vakman

Niet alle jongeren die zich aanmeldden voor het leven als broeder hadden de geschiktheid of ambitie om onderwijzer te worden. Gaandeweg kwam het congregatiebestuur tot het inzicht dat invoering van technisch onderwijs van belang was, wilde men deze jongeren voor het kloosterleven behouden. Bovendien bleek er behoefte aan gediplomeerde krachten voor het geven van technisch vakonderwijs.   

De vakschool, 1937
Het kapittel van 1934 nam het besluit met technisch onderwijs binnen de congregatie te beginnen. Daartoe werd een apart gebouw neergezet achter de kweekschool naar een ontwerp van architect Alphons Boosten. In september 1937 vond de inwijding plaats van de Vakschool, de officiële benaming van de nieuwe school. Er werd onderwijs gegeven in de vakken kleermaken, timmeren, smeden, schilderen, schoenmaken en drukken; in 1962 nog uitgebreid met een koksopleiding.

Ontwikkelingen

Het onderwijs aan de leerlingen van de kweekschool en de vakschool werd van meet af aan uitsluitend door broeders verzorgd, die tezamen de kloostercommuniteit vormden. In de jaren ’50 kwam hier verandering in en deden leken-leraren hun intrede.



Kapel, 1930
    Ook de leerlingenpopulatie wijzigde. Op de kweekschool en de vakschool werd vanouds alleen onderwijs gegeven aan juvenisten, jongens die broeder wilden worden. Dat veranderde voor de kweekschool in diezelfde jaren. Vanaf 1958 werd de kweekschool tevens opleiding tot leken-onderwijzer en dus toegankelijk voor jongens die geen deel uitmaakten van het juvenaat. Zij vormden aparte groepen, die in de wandel werden betiteld als de ´externen´.

Midden jaren ’60 werd de Mammoetwet ingevoerd. De vooropleiding van de kweekschool, de zogenaamde 1e leerkring, werd omgezet in de HAVO. Tezamen met de MAVO van de broeders aan de Herbenusstraat, later Terra Nigrastraat, werd de Scholengemeenschap Oud-Vroenhoven gevormd.

Vanwege deze uitbreiding met een havo-afdeling moest de Vakschool verhuizen. In 1965 verhuisde deze naar Zevenaar. Daar was de school geen lang leven beschoren. Vanwege het teruglopend aantal aanmeldingen kwam er in 1968 een einde aan de Vakschool en daarmee aan het congregationeel vakonderwijs in Nederland.

De tanende belangstelling voor het kloosterleven had niet alleen consequenties voor de Vakschool. In 1969 werd ook het juvenaat in Maastricht opgeheven. De kweekschool was vanaf dat moment een gewone opleidingsschool voor onderwijzers. Het onderscheid tussen externen en internen was niet langer van toepassing.

Fusies en overdracht

In 1973 fuseerde de onderwijzersopleiding met de kweekschool voor meisjes, Immaculata genaamd, van de Zusters van het Arme Kind Jezus, gevestigd aan de Brusselseweg. Twee jaar later, in 1975, vond een fysieke samenvoeging van beide scholen plaats in het gebouw aan de Brusselseweg. Daarmee kwam een einde aan de ruim 80-jarige historie van de broederskweekschool in Maastricht.

Het gebouw aan de Tongerseweg huisvestte vanaf dat moment alleen nog de middelbare school voor mavo en havo, de Scholengemeenschap Oud-Vroenhoven. In 1987 fuseerde de school met het Henric van Veldekecollege en ging sindsdien verder onder de naam Trichter College.

Ook na het vertrek van de onderwijzersopleiding bleef een groep broeders nog diverse jaren woonachtig in het kloostergedeelte van de dan middelbare school.
   

Recreatieruimte van de Broeders, 1981

In 1994 wordt de communiteit opgeheven en vertrekken de laatste broeders uit de Tongerseweg, zij het dat enkelen er nog wel les blijven geven. En hiermee wordt weer een stukje congregatiegeschiedenis afgesloten.
In 2003 volgt opnieuw een scholenfusie. Het Trichter College gaat in dat jaar samen met het Montessori College in Maastricht. Beide vormen tezamen het Bonnefantencollege, met de afdelingen, vmbo, havo en vwo. De havo/vwo-afdeling blijft gevestigd op de Tongerseweg.

Vanwege teruglopende leerlingaantallen en de slechte bouwkundige staat van het gebouw wordt een tiental jaren later besloten de voormalige kweekschool op te geven als onderwijslocatie. Vanaf 2015 staat het gebouw aan de Tongerseweg leeg. Het is wachten op een nieuwe bestemming.

De Kweekschool van de Broeders van de Onbevlekte Ontvangenis, waarnaar het opschrift aan de gevel verwijst, is dan echt verleden tijd.


MEER FOTO'S VAN WELEER...

(Klik om te vergroten ...)