In memoriam broeder Harry Lausberg FIC

Uit Harry’s laatste gebed

“God, ik dank u, dat u mij geschapen hebt. En voor het leven, dat u mij heeft gegeven. Ik dank u, dat ik christen ben, ik dank u voor alles wat u mij gegeven hebt, voor alles wat u mij ontnomen hebt.”
Met deze woorden begint Harry zijn geschreven “Homilie en laatste gebed in mijn aardse leven”.
Een leven in het teken van dankbaarheid.

Dankbaarheid

Harry’s leven stond in het teken van dankbaarheid. Dankbaar voor het leven dat God hem heeft gegeven, voor zijn ouders van wie hij hield, voor zijn broeder-zijn in de congregatie FIC, voor het werk dat hij heeft mogen doen in het onderwijs en de begeleiding van de jeugd, voor het vertrouwen dat mensen in hem stelden als overste en als lid van het provinciaal bestuur, voor de mooie en menselijke contacten die hij met broeders en anderen mocht hebben, voor de mensen van het Focolare die zijn broeder-zijn hebben verdiept, voor de vriendschap en nabije steun van een vriendin die hij in zijn leven mocht ervaren.

Uit een gezin met drie kinderen

Harry’s vader, Joseph Lausberg, werd in 1899 geboren in een dorp bij Brussel en was een eenvoudige kleermaker. Zijn moeder, Catharina Pleumeekers, zag in 1905 het licht in Maastricht. Zij was huismoeder en een ondernemende vrouw. Vader overleed in 1970 en moeder in 1988, beiden in Den Haag. Harry was de eerste in leven blijvende zoon na twee miskramen. Na hem kwamen nog twee zussen: Clé die in 1990 overleed en de jongste, Jos, die in 2015 is overleden. Zij ouders waren twee hard werkende mensen, die het niet breed hadden. Zij hadden het niet gemakkelijk in de crisisjaren rond 1930 en later in de Tweede Wereldoorlog. Terwijl zijn vader tot in de kleine uurtjes werkte om de kost te verdienen, ging zijn moeder in de oorlogstijd om de twee weken drie dagen de Haarlemmermeer in om te proberen wat extra voedsel bijeen te krijgen voor het gezin. Door die toegewijde zorg heeft het gezin nooit echt honger geleden. Harry’s ouders zagen hem niet graag naar het juvenaat van de broeders in Zevenaar gaan, ze hadden veel moeite met de weg die hij koos. Toch hebben zij nooit pogingen gedaan om hem van zijn keuze af te brengen. Toen hij eenmaal als broeder was geprofest, waren beiden toch trots op hem.

Een typische doe-mens

Harry noemde zichzelf een typische doe-mens. Hij werkte hard en planmatig en bereidde zijn zaken goed voor. Dat deed hij als onderwijzer aan drie lagere scholen in Amsterdam, vervolgens als leraar aan de Mavo in Nijmegen, later als overste in Haarlem en Nijmegen en van 1982 tot 2000 als lid van het provinciaal bestuur van de Nederlandse provincie.
In zijn schooltijd vond hij het fijn om met jonge mensen op te trekken, vooral toen hij een tijdlang klasleraar was op de Mavo. Hij begeleidde leerlingen bij de schoolkrant, hielp mee bij het functioneren van het schoolparlement en organiseerde werkweken voor de vierde Mavo. Met zijn collega’s kon hij goed overweg, hij zag wanneer ze het soms moeilijk hadden en gaf persoonlijke ondersteuning als dat nodig was.
Als overste en als lid van het provinciaal bestuur probeerde hij zo goed mogelijk open te staan voor de mensen die hem waren toevertrouwd. Hij hield niet van wijdlopige discussies, maar was gericht op de concrete mensen: wat kan ik voor hen betekenen? Dit directe contact met mensen vond hij fijn. Zo heeft hij inderdaad voor veel mensen echt iets betekend. Op school en in het bestuur heeft hij zich steeds betrokken gevoeld op kleine en grote mensen die buiten de boot vielen of niet tegen de omstandigheden opgewassen waren. Als bestuurslid voelde hij zich nooit verheven boven anderen, liet hij zich niet voorstaan op zijn functie, maar is hij altijd gewoon zichzelf gebleven.

Door een persoonlijke crisis heengegaan

Harry was een religieus man. Op vaste tijden besteedde hij aandacht aan brevier, persoonlijk gebed en meditatie, en aan het lezen en overwegen van de Bijbel. Maar hij kende ook tijden van crisis. In de zestiger jaren twijfelde hij sterk aan zijn broeder-zijn en vroeg hij zich af of hij niet beter kon uittreden. Hij kwam in contact met het Focolare en ontmoette mensen die hem weer op het rechte pad brachten en hem leerden het Evangelie heel concreet te beleven. Zijn betrokkenheid bij het “Werk van Maria” heeft hem in contact gebracht met een concrete evangelische spiritualiteit. Dit heeft zijn leven opnieuw perspectief gegeven en verdiept en ook zijn waardering voor de Stichters van de eigen congregatie FIC, Mgr. Louis Rutten en broeder Bernardus Hoecken, doen groeien.

Vriendschap in zijn leven

Een groeiende vriendschap met een vrouw, met Aggie, heeft Harry’s leven verrijkt. Het ging niet allemaal van een leien dakje, ze hebben er mee geworsteld en ook van anderen tegenwerking ondervonden. Ze samen zijn door diepe dalen gegaan, maar door al die moeilijkheden heen werd hun band hechter en inniger. Zo konden zij elkaar bijstaan bij ziekte en in verdrietige omstandigheden.
Het is fijn, ja een genade, als je mensen ontmoet met wie je lief en leed kunt delen, die een luisterend oor hebben en aan wie je kwijt kunt wat je ontroert én wat je dwars zit: sommige medebroeders, mensen van het Focolare, een vriendin.

Ziekten en ongemakken

Harry is niet bespaard gebleven van ziekten en ongemakken. Vooral de prostaatkanker heeft stevig in zijn leven ingegrepen. Gelukkig heeft hij daarbij veel steun gekregen van zijn vriendin. Verder kreeg hij te maken met een niet goed werkende schildklier, een lichte vorm van COPD, hartfalen en een terugkerende bloedarmoede. In zijn “Laatste gebed”zegt Harry hierover: “Gelukkig had U mij een opgewekt gemoed gegeven, waardoor ik een hoop aankon. Er was veel dat niet meer mogelijk was voor mij. Maar ik telde mijn zegeningen: er was nog zoveel dat ik wél kon.”

Berchmanianum en Aquaviva

In 2010 werd de broedercommuniteit van de Sterreschansweg opgeheven. Samen met broeder Piet Leenders nam Harry toen zijn intrek in het Berchmanianum. Recentelijk maakte hij de overstap naar Aquaviva. Deze laatste zeven jaren kenschetst Harry zelf als volgt: “Nu leef ik tussen paters en broeders van diverse pluimage. Een heel aparte, verrassende maar ook verrijkende belevenis. Een nieuw fase in mijn leven als religieus. De eenvoud van zeer geleerde heren, de concrete hulp die oude mensen elkaar geven, zijn voor mij een toonbeeld van wat het Evangelie bedoelt met leven als christen. Ik ben dan ook dankbaar, dat het proviciaal bestuur Piet en mij heeft toegestaan om hier onze intrek te nemen.”

“Ik heb een mooi leven gehad.”

Harry, we sluiten ons aan bij jouw eigen woorden in je “Laatste gebed”: “Heer, ik heb een mooi leven gehad. Moge ik me geborgen weten in uw handen en in die van uw en ons beider hemelse Moeder. Heer, bedankt voor alles wat ik van u gekregen heb, wat u mij afgenomen hebt en wat ik vanuit genade toch nog voor anderen mocht betekenen. Heer, laat nu uw dienaar in vrede gaan.”

Harry, bedankt voor de persoon die je was en moge de Heer van alle leven je opnemen in zijn onmetelijke Liefde.

Nijmegen, 26 juli 2017
br. Frans School FIC


VOORBEDEN

bij het afscheid van broeder Harry Lausberg FIC - 26 juli 2017

God Vader,
Wij danken u voor het leven van broeder Harry Lausberg,
voor zijn broederlijke aanwezigheid in ons midden,
voor de persoon die hij was
met zijn talenten die hij dienstbaar maakte
aan jongeren en volwassenen in het onderwijs en in zijn bestuurlijk werk.
Wij danken u voor de broeder die hij is geweest,
een echte broeder van mensen,
dienstbaar, meelevend en ontvankelijk.
Wij danken u voor de steun en vriendschap die hij heeft gegeven aan
- en ook heeft mogen ontvangen van -
medebroeders, collega’s, mensen van het Focolare, zijn vriendin Aggie
en de mensen die hij op zijn pad ontmoette.
Wij vragen u,
bewaar hem in uw Naam,
neem hem op in uw Liefde
en voltooi hem tot de mens zoals Gij bedoeld hebt.
Laat ons bidden .....

God Vader,
Wij bidden u voor ons allen
- familieleden, medebroeders, vrienden en vriendinnen,
medebewoners van broeder Harry -
Mogen de goede en dierbare herinneringen aan hem
ons tot troost zijn
nu wij hem uit handen moeten geven
en zijn levende gestalte niet langer bij ons is.
Bewaar ook ons,
sterk ons met uw Geest
en blaas in ons het vuur van uw Liefde aan,
zodat wij - hoe gebrekkig soms ook - uw Liefde uitstralen
in de ontmoeting met mensen in ons leven van alledag.
Laat ons bidden .....

God Vader,
Wij bidden u ook voor de noden in onze wereld,
een wereld van armoede en gebrek, van oorlog en geweld,
een wereld van onrechtvaardige verhoudingen,
waarin mensen niet toe hun recht komen,
een wereld van rampen die ons overkomen,
maar die wij vaak ook door onze onwil mede veroorzaken.
Wij vragen u om bekering,
dat wij ons - op alle niveaus - inzetten
voor een eerlijker, rechtvaardiger wereld,
waarin mensen kansen krijgen om zich te ontplooien
en menswaardig te leven.
Laat ons bidden ....

Wij danken u tenslotte,
dat u onze God wilt zijn,
een God van barmhartigheid en vergeving,
een God die Liefde is,
die niets anders wil dan dat wij mensen worden naar uw hart.
Bewaar ons in uw Liefde
en maak ons open en ontvankelijk,
zodat wij u ervaren
in de kleine, maar vaak verrassende dingen
Mogen wij daardoor groeien en meer mens worden,
zoals Jezus van Nazareth, onze broeder,
ons voorbeeld en onze weg.
Laat ons bidden ........